Brochure in pdf-formaat downloaden (511 Kb)

brochure in pdf

Naar de Franstalige versie van de educatieve site

 

Wat zit er in mijn genen?

Een mini-cursus genetica. Om met meer begrip te discussiëren.

  1. DNA: een werkplan
    Hoe komt het dat een olifant steeds op een olifant lijkt, een eik op een eik, een mug op een mug en kinderen op hun ouders? Zit dat in hun genen?
  2. Van genen naar eiwitten
    Het DNA, de werkplannen die we in elke cel van het lichaam terugvinden, bevat de code die nodig is om eiwitten aan te maken. Samen met water vormen de eiwitten het belangrijkste bestanddeel van de cellen in ons lichaam. De eiwitten fungeren ofwel als bouwmateriaal ofwel als arbeider. Sommige eiwitten oefenen dus een beroep uit, een duidelijk omschreven functie.
  3. Van ouder naar kind
    Wanneer een zaadcel samensmelt met een eicel, ontstaat een bevruchte eicel. Dit is het begin van nieuw leven... de bevruchte eicel deelt zich, deelt zich en deelt zich. De bevruchte eicel wordt een embryo, een foetus... en ten slotte een krijsende baby. Van die ene bevruchte eicel zijn al de 50 000 miljard cellen afkomstig die ons lichaam vormen. Ook in een volwassen lichaam blijven miljarden cellen zich vermenigvuldigen om ervoor te zorgen dat we groeien en dat onze lichaamsweefsels onderhouden blijven. Bij elke deling wordt het DNA dat in de cel aanwezig is, gekopieerd zodat de twee dochtercellen elk een volledige kopie ontvangen, dat wil zeggen de twee reeksen van 23 chromosomen.
  4. Van genetische fouten en ziekten
    Dankzij de geslachtelijke voortplanting erven wij genen van vader en moeder. Deze genen sturen onze ontwikkeling van bevruchte eicel tot volwassen individu. Soms zitten er echter fouten in die genen. Die fouten noemt men ook wel mutaties. Nieuwe fouten kunnen ontstaan ten gevolge van onvolmaaktheden bij het kopiëren van de DNA-strengen tijdens de celdeling of, wat het vaakst voorkomt, ten gevolge van schade die door de omgeving wordt aangebracht.